Rotskust en blauw water bij Himarë

Rondreis Albanië in 2 weken: bergen, oude steden en zuidkust

Vijftien dagen van Tirana via de bergen van Theth en de oude steden Berat en Gjirokastër naar de baaien van Ksamil en de Albanese Riviera.

Albanië in 2 weken in het kort

Twee weken is genoeg om het noorden en het zuiden van Albanië te combineren. Deze rondreis Albanië van 2 weken (15 dagen, veertien nachten) begint in Tirana, gaat naar de bergen rond Theth, de UNESCO-steden Berat en Gjirokastër en de zuidkust bij Ksamil en Himarë en eindigt bij het vliegveld van Tirana.

Je rijdt de route met een huurauto. Zonder auto lukt het grootste deel ook, met bussen en furgons, maar dan laat je de Riviera kort of weg. Plan per plek twee nachten: de ritten zijn meestal twee tot vier uur, en één lange dag van de bergen naar Berat is niet te vermijden. De route werkt het best van mei tot en met oktober.

Onder het schema lees je wat je verandert met tien dagen of zonder auto, hoe je het vervoer regelt, wat de reis kost en wanneer je gaat. Kortere en langere varianten, ook met Montenegro of Korfoe, vind je bij alle routes door Albanië.

Dag voor dag door Albanië in 2 weken

Veertien nachten op zeven plekken. De rijtijden zijn indicatief en zonder stops; reken in de zomer, bij wegwerkzaamheden en op bergwegen ruimer.

Dag 1 en 2 in Tirana

Je vliegt in ongeveer 2,5 tot 3 uur rechtstreeks naar Tirana. Vanaf het vliegveld rijdt de Rinas Express elk uur voor 400 lek (ca. € 4,35) naar het Skanderbegplein. Haal je huurauto pas op dag 3 op; in de stad heb je hem niet nodig. Bezoek Bunk’Art, het Skanderbegplein en de wijk Blloku. Meer tips bij Tirana.

Dag 3 in Shkodër (reken op ongeveer 2 uur rijden)

Rijd naar het noorden, eventueel met een omweg via het bergstadje Krujë. In Shkodër bezoek je aan het eind van de middag de burcht Rozafa, met uitzicht over het meer en de rivieren. Doe hier je boodschappen en pin genoeg contant geld, want in Theth zijn de mogelijkheden beperkt.

Dag 4 en 5 in Theth (reken op ongeveer 2 uur rijden)

De weg van Shkodër naar Theth is sinds 2021 helemaal verhard, maar smal en steil, met een pas van ongeveer 1.700 meter. Vertrek vroeg en rijd rustig. Loop op de eerste middag naar de Grunas-waterval, een wandeling van een paar uur heen en terug.

Op dag 5 wandel je naar de Blue Eye van Theth, bij Kaprre, niet te verwarren met de Blue Eye bij Sarandë. Je ziet ook de kerk in het dal en een gerestaureerde lock-in-toren, waar mannen zich vroeger verschansten tijdens een familievete. Wandel met goede schoenen en genoeg water; paden zijn niet overal gemarkeerd. Meer bij Theth.

Dag 6 en 7 in Berat (reken op ongeveer 5,5 tot 6 uur rijden)

Dit is de langste dag. Je rijdt terug naar Shkodër en over de snelweg langs Tirana naar het zuiden. Wil je de rit opknippen, slaap dan een nacht in Durrës en bekijk daar het Romeinse amfitheater; je hebt dan één nacht minder in Berat.

Berat heet de stad van de duizend ramen, door de witte huizen in de wijken Mangalem en Gorica aan weerszijden van de rivier Osum. Loop op dag 7 vroeg naar de burcht, waar mensen nog altijd wonen, en bezoek het Onufri-museum met iconen. De entree van de burcht is laag, een paar euro. Meer bij Berat.

Dag 8 en 9 in Gjirokastër (reken op ongeveer 3 tot 3,5 uur rijden)

Rijd via Fier en Tepelenë naar het zuiden; bij Tepelenë wordt in 2026 aan de snelweg gewerkt en kan een half tot een heel uur vertraging zitten. Gjirokastër is een stad van grijze stenen huizen tegen een steile helling. Het kasteel kost 400 lek (ca. € 4,35); bezoek ook het Skenduli-huis en de tunnel uit de Koude Oorlog.

De straten zijn van gladgesleten keien en steil, dus draag schoenen met grip. Meer bij Gjirokastër.

Dag 10 en 11 in Ksamil of Sarandë (reken op ongeveer 1,5 uur rijden)

Onderweg naar de kust stop je bij de Blue Eye (Syri i Kaltër), een diepe blauwe bron in het bos. De entree is 50 lek en parkeren kost een paar honderd lek; zwemmen en springen zijn er verboden.

Slaap in Ksamil voor het strand of in Sarandë als je liever in een stad met restaurants en een boulevard zit; ze liggen ongeveer een kwartier uit elkaar. Bezoek op dag 11 vroeg in de ochtend Butrint, een opgegraven stad van Grieken, Romeinen en Venetianen in een moerasgebied. Een kaartje kost 1.000 lek (ca. € 11). Daarna zwem of vaar je naar de eilandjes voor de kust. Meer bij Ksamil.

Dag 12 en 13 aan de Riviera bij Himarë (reken op ongeveer 1,5 tot 2 uur rijden)

Rijd over de kustweg naar het noorden, langs het lange strand van Borsh en het kasteeltje van Porto Palermo. Himarë is een prettige uitvalsbasis met een dorp, stranden en voorzieningen. Gebruik dag 13 voor een strand verderop, zoals Jale of Livadh, of de baai van Gjipe, die je alleen te voet of per boot bereikt.

Dag 14 en 15: via Llogara terug naar Durrës en Tirana (reken op ongeveer 4 tot 4,5 uur rijden)

Rijd over de oude pasweg van Llogara voor het uitzicht over de kust, of neem de tunnel van 5,9 kilometer (250 lek tol) als je tijd wilt winnen. Tank vooraf: tussen Himarë en Vlorë zijn weinig tankstations. Slaap de laatste nacht in Durrës, ongeveer een half uur tot drie kwartier van het vliegveld, zodat je op dag 15 ontspannen je auto inlevert en terugvliegt.

Met 10 dagen of zonder auto: wat verander je?

Met minder tijd of zonder huurauto pas je het schema op een paar plekken aan.

Heb je maar tien dagen, laat dan Shkodër en Theth weg. Je gaat dan van Tirana direct naar Berat, en volgt verder de route met twee nachten Gjirokastër, twee nachten Ksamil en een of twee nachten Himarë.

Zonder auto reis je met bus en minibus. Naar Theth rijdt vanuit Shkodër om 7.30 en 14.00 uur een minibus voor ongeveer € 12. Daarna ga je via Tirana met de bus naar Berat en Gjirokastër. Eindig in Sarandë en neem de veerboot naar Korfoe, in 30 tot 75 minuten, en vlieg vanaf daar terug. Zo laat je alleen de Riviera-dorpen weg, die zonder auto lastig te bereiken zijn.

Reis je tussen juni en oktober zonder auto en wil je een extra wandeldag, neem dan de Koman-veerboot naar Fierzë en loop vanuit Valbona over de pas naar Theth, een tocht van zes tot tien uur. Daar heb je één tot twee dagen extra voor nodig, dus schrap dan een nacht aan de kust. Laat je bagage per busje over de weg naar Theth brengen in plaats van met een pakdier.

Hoe regel je het vervoer voor deze route?

Voor deze route is een huurauto het handigst; voor een deel kun je ook de bus nemen.

Huur de auto bij het vliegveld van Tirana, met ophalen op dag 3 en inleveren op dag 15. Je Nederlandse of Belgische rijbewijs is geldig. Een gewone auto is genoeg: de weg naar Theth is verhard, al rijd je er met een auto met wat meer bodemvrijheid prettiger.

Rijd overdag en defensief, want er wordt hard ingehaald en er lopen dieren op de weg. Je rijdt altijd met dimlicht aan en er geldt een nultolerantie voor alcohol, met boetes van € 150 tot € 400 en intrekking van je rijbewijs (Belgisch reisadvies, 17 maart 2026). Op de A1 en A2 en bij dorpen staan flitsers.

Kronkelende weg over de Llogara-pas

Wat kost een rondreis Albanië van 2 weken?

Albanië is voordelig, maar de kust in het hoogseizoen en de huurauto tellen op.

Reken zonder vlucht op ongeveer € 50 tot € 90 per persoon per dag in de middenklasse en € 25 tot € 40 met een klein budget. Voor veertien nachten kom je in de middenklasse uit op ongeveer € 700 tot € 1.250 per persoon, en met een klein budget op € 350 tot € 560 (richtbedragen 2026).

Een kleine huurauto kost in het voor- en naseizoen ongeveer € 25 tot € 40 per dag en in de zomer € 45 tot € 70. Voor twaalf dagen is dat ongeveer € 300 tot € 840, plus brandstof en tol.

De entrees zijn laag: Butrint 1.000 lek, het kasteel van Gjirokastër 400 lek, de Blue Eye 50 lek en de burcht van Berat een paar euro. Aan de stranden van Ksamil en de Riviera betaal je in juli en augustus ongeveer 2.000 tot 3.000 lek (€ 22 tot € 33) per dag voor twee ligbedden. Pinnen kost 500 tot 800 lek per opname; 1 euro is ongeveer 92 lek (september 2026).

Stenen zuilen in Butrint
Trap naar het strand van Jalë

Wanneer maak je deze rondreis door Albanië?

De route werkt het best van mei tot en met oktober, maar elke maand heeft een eigen nadeel of voordeel.

Juni en september zijn het prettigst: warm genoeg om te zwemmen, met zeewater bij Sarandë van ongeveer 23 graden in juni en 25 graden in september, en minder drukte dan in de zomer. In juni en september zijn ook de bergen en guesthouses rond Theth open, en je kunt dan de Valbona-pas lopen.

In juli en augustus is het heet in Berat en Gjirokastër, en Ksamil en de Riviera zijn het drukst en het duurst. Boek huurauto en kustverblijven dan ruim vooraf en ga vroeg op pad.

In mei en oktober is het rustig en zachter. Buiten het seizoen sluiten veel guesthouses in Theth en kan sneeuw de pas naar het dal blokkeren. Per maand lees je meer bij de beste reistijd voor Albanië.

Veelgestelde vragen over Rondreis Albanië in 2 weken: bergen, oude steden en zuidkust

Is 2 weken genoeg voor Albanië?

Ja, voor de belangrijkste gebieden. In twee weken zie je Tirana, Theth, Berat, Gjirokastër, Ksamil en de Riviera met meestal twee nachten per plek. Voor Montenegro, Korfoe of de Valbona-pas erbij neem je drie weken.

Kun je deze route zonder huurauto doen?

Grotendeels wel. Bussen rijden tussen Tirana, Berat, Gjirokastër en Sarandë, en vanuit Shkodër gaat een minibus naar Theth. De Riviera-dorpen en de Blue Eye zijn zonder auto lastiger te bereiken.

Wat kost 2 weken Albanië?

Zonder vlucht ongeveer € 700 tot € 1.250 per persoon in de middenklasse en € 350 tot € 560 met een klein budget (2026). Een huurauto kost daarnaast € 25 tot € 70 per dag, afhankelijk van het seizoen.

Berat of Gjirokastër, of allebei?

Met twee weken passen ze allebei; ze liggen ongeveer drie uur rijden uit elkaar. Berat is wit en groen, aan een rivier, Gjirokastër grijs en steil. Gjirokastër ligt op de weg naar de kust, Berat dichter bij Tirana.

Kun je met een gewone auto naar Theth?

Ja, de weg vanaf Shkodër is sinds 2021 verhard. Hij is wel smal en steil, met een pas van ongeveer 1.700 meter. Buiten het seizoen kan er sneeuw liggen.

Waar slaap je het best de laatste nacht?

In Durrës of vlak bij het vliegveld van Tirana. Durrës ligt ongeveer een half uur tot drie kwartier van het vliegveld, zodat je op de dag van vertrek niet de hele kust af hoeft te rijden.