Tsingy de Bemaraha
Een UNESCO-park van scherpe kalksteenformaties, met klimladders en touwbruggen door een buitenaardig landschap
Tsingy de Bemaraha in het kort
De Tsingy de Bemaraha is misschien wel het meest bijzondere natuurgebied van Madagaskar, en zeker een van de meest avontuurlijke. Het park ligt in de westelijke regio Melaky en bestaat uit een uitgestrekt veld scherpe kalksteenformaties die door miljoenen jaren regenwater zijn uitgesleten. De naam Tsingy komt uit het Malagasy en betekent zoiets als “waar je niet op blote voeten kunt lopen”, en wie het eenmaal heeft gezien snapt direct waarom. De punten zijn zo scherp dat ze je schoenen kunnen doorboren, waardoor het hele gebied er als een veld van versteende messen uitziet.
Het park is sinds 1990 een UNESCO-werelderfgoedsite en herbergt naast het bovengrondse landschap ook ondergrondse rivieren, grotten en een biodiversiteit met elf lemuursoorten, waaronder de zeldzame Decken’s sifaka die met opvallende sprongen tussen de kalksteenpunten beweegt. Een bezoek aan de Tsingy is geen wandeling, maar een klimavontuur met harnas, helm en handschoenen door een landschap dat je nergens anders ter wereld vindt. Op onze Madagaskar-pagina lees je hoe deze plek past binnen een bredere rondreis.
Onze favoriete plekken in Tsingy de Bemaraha
Welke Tsingy past bij jou, Grand of Petit?
Het park is opgedeeld in twee delen, en het is goed om te weten welke route bij je past. De Petit Tsingy is het kleinere en toegankelijker gebied, met een wandeling van twee tot drie uur die geschikt is voor wie minder fysiek wil klauteren. Je krijgt hier een eerste indruk van het landschap, met enkele klimladders en korte hangbrugjes, maar zonder de echt steile passages. Voor wie alleen voor de Tsingy-ervaring komt en geen ervaring heeft met via ferrata, is dit vaak voldoende.
De Grand Tsingy is de hoofdroute die de meeste reizigers zoeken, met een rondwandeling van vier tot zes uur door de hoogste en spectaculairste formaties van het park. Hier doe je echt het volledige avontuur: verticale klimladders, hangbruggen op dertig meter hoogte, smalle doorgangen waar je je tussen de kalksteenwanden moet wringen en uitkijkpunten over een eindeloos veld van pieken. De inspanning is reëel en je hebt een redelijke conditie nodig, maar de beloning is een ervaring die door vrijwel iedereen wordt genoemd als hoogtepunt van Madagaskar.
Wij raden aan beide circuits in twee verschillende dagen te doen als je de tijd hebt, eerst Petit Tsingy om gewend te raken aan het klauteren en dan Grand Tsingy als hoofddag. Een gedwongen halve rustdag tussendoor is geen overbodige luxe, want het klimwerk slaat op je benen en schouders door.
Wanneer kun je naar de Tsingy?
De toegankelijkheid van de Tsingy is strikt seizoensgebonden, en dit is waarschijnlijk de grootste planningsfout die reizigers maken. Het park is alleen open tijdens het droge seizoen, ruwweg van april tot eind november. In het regenseizoen tussen december en maart zijn de onverharde wegen onbegaanbaar door modder en omhooggekomen rivieren, en de kalksteen wordt door de regen zo glibberig dat klimmen onverantwoord is. Het park is dan officieel gesloten.
De beste maanden zijn mei, juni, juli, augustus en september, met droog en zonnig weer, gemiddeld 25 tot 30 graden overdag en aangename nachten. April en oktober zijn ook prima maar liggen tegen de overgang naar het regenseizoen aan, dus check de actuele situatie van de wegen voor vertrek. Wij gingen begin augustus en hadden negen dagen lang geen druppel regen, ideale omstandigheden voor zowel de klim als de fotografie.
Wat zie je op de Grand Tsingy-route?
De Grand Tsingy begint vanuit de parkingang bij Bekopaka, waar je samen met een verplichte lokale gids vertrekt en door de parkrangers van klimuitrusting wordt voorzien. De eerste twee uur lopen je over zandige paden en eenvoudige stenen, met af en toe een eerste blik op de pinnacles boven het bos. Daarna word je aan een via ferrata-systeem vastgemaakt en begin je het echte werk.
Hoogtepunten onderweg zijn de Cathedral, een ruime opening tussen hoge kalksteenwanden waar het licht door valt alsof je in een natuurlijke kerk staat, en het Manambolo-uitzichtpunt, een platform waar je over een eindeloos veld van pieken uitkijkt richting de horizon. Tussendoor passeer je drie of vier hangbruggen boven afgronden van twintig tot dertig meter, plus enkele verticale ladders die je in één beweging een paar etages omhoog brengen.
Lemuren spotten is geen garantie, maar de kans op een ontmoeting met Decken’s sifaka of de roodvoorhoofdmaki is reëel, vooral in de eerste uren van de wandeling. De gids ziet meer dan jij ooit zal opmerken, dus loop bewust en stop wanneer hij dat aangeeft. Tegen het einde van de route ben je oprecht moe, met spieren die je niet wist dat je had, en is de douche bij de lodge een van de meer welverdiende uit je reizigersleven.
Hoe kom je bij de Tsingy de Bemaraha?
Dit is het lastigste deel van het verhaal, en het is goed om dat vooraf te weten. De Tsingy ligt diep in het westen van Madagaskar en is in feite alleen bereikbaar vanuit Morondava. De rit gaat noordwaarts via een onverharde, hobbelige zandweg van zo’n 200 kilometer, met twee veerpontjes over de Tsiribihina- en de Manambolo-rivier. De totale reistijd vanuit Morondava is acht tot tien uur in een 4×4, en de meeste reizigers verdelen het over twee dagen met een overnachting onderweg in Bekopaka of Belo sur Tsiribihina.
Een 4×4 met chauffeur is geen optie maar een vereiste, omdat de wegen voor gewone auto’s onbegaanbaar zijn. De prijs voor een meerdaagse trip vanuit Morondava ligt rond de 600 tot 900 euro voor een 4×4 inclusief chauffeur en brandstof, exclusief lodge-overnachtingen, parkfees en gids. Dat klinkt fors, maar gezien de logistiek en de afgelegen locatie is het de standaardprijs. Lodges in Bekopaka, vlak bij de parkingang, beginnen bij ongeveer 60 euro per nacht voor een eenvoudig bungalowtje en lopen op tot 200 euro voor de luxere optie.
Beste reistijd
Het droge seizoen van april tot november is de beste reistijd voor Tsingy de Bemaraha, met aangename temperaturen, weinig regen en goede wandelomstandigheden in de nationale parken. Tussen december en maart valt het regenseizoen met cyclonen aan de oostkust en moeilijke wegcondities; de westkust en het zuiden blijven dan beter toegankelijk. Hoogseizoen voor lemur-baby’s is september-november.
Wat moet je meenemen?
Goed schoeisel is het belangrijkste. Wandelschoenen met stevige zolen en goede grip zijn een vereiste, geen sneakers en zeker geen sandalen. Bij de parkingang krijg je harnas, helm en handschoenen mee, dus die hoef je niet zelf aan te schaffen. Het binnenwerk van het park is hoog en open, dus de zon kan goed branden: zonnebrand, een hoed en een zonnebril zijn geen overbodige luxe.
Neem minstens twee liter water per persoon mee voor de lange ronde, plus een lichte lunch of energierepen. Een kleine rugzak die je dicht aan je lichaam kunt dragen werkt het beste, want grote tassen zitten in de weg bij smalle doorgangen. Een fototoestel met goede neckstrap is handig, maar je hebt je handen vaak nodig voor het klimwerk. Een actiecamera op een borststatief is voor velen praktischer dan een grote camera met telelens.
Combineren met de Avenue of the Baobabs
De meest logische combinatie is de Tsingy met de Avenue of the Baobabs, die op de terugweg vanuit Bekopaka naar Morondava ligt. Plan je laatste avond zo dat je rond het zakken van de zon weer bij de Avenue bent, dan sluit je een vermoeiende meerdaagse trip af met de mooiste foto’s van de hele reis. Vier dagen vanuit en terug naar Morondava, met twee nachten Bekopaka en de afsluitende baobab-zonsondergang, is voor de meeste reizigers het ideale ritme.
Voor wie meer tijd heeft, wordt de combinatie rondreis Madagaskar 3 weken interessant, waarin je de Tsingy combineert met Andasibe-Mantadia voor de Indri en Nosy Be voor stranden en walvissen.
Combineer dit met een bezoek aan Rondreis Madagaskar 3 weken.
Lees ook onze tips voor Lemuren spotten op Madagaskar.
Op onze Andasibe-Mantadia National Park pagina lees je hier meer over.
Voor wie de tijd heeft, vormt Avenue of the Baobabs een mooie aanvulling op deze route.
Veelgestelde vragen
Voor een bezoek aan Tsingy de Bemaraha willen reizigers vaak weten hoelang ze moeten blijven en wat onderweg het slimst is. We beantwoorden de meest gestelde vragen hieronder kort en eerlijk.
Hoe lang duurt de Grand Tsingy-wandeling?
Reken op vier tot zes uur voor het complete circuit, inclusief stops voor foto’s en uitleg van de gids. De heenrit naar het startpunt is ongeveer een uur over een onverharde weg vanuit de lodge, dus plan een hele dag in.
Heb je klimervaring nodig voor de Tsingy?
Voor de Petit Tsingy niet, voor de Grand Tsingy is een redelijke conditie en het kunnen omgaan met hoogte een vereiste. Klimervaring helpt, maar het via ferrata-systeem maakt het ook voor beginners doenbaar als je niet bang bent voor afgronden.
Is de Tsingy het hele jaar open?
Nee, het park is alleen open tijdens het droge seizoen van april tot november. In het regenseizoen zijn de wegen onbegaanbaar en de kalksteen te glibberig, en het park is officieel gesloten.
Hoeveel kost een trip naar de Tsingy de Bemaraha?
Reken vanuit Morondava op 600 tot 900 euro voor een 4×4 met chauffeur over vier dagen, plus 30 tot 100 euro per nacht voor een lodge en rond de 25 euro entree per persoon plus verplichte gids. Een totaal van 800 tot 1.200 euro per persoon voor de complete trip is realistisch.
Welke lemuren zie je in de Tsingy?
Het park telt elf soorten lemuren, met Decken’s sifaka als bekendste verschijning. Andere veelvoorkomende soorten zijn de roodvoorhoofdmaki en de bruine maki, plus enkele kleinere muismaki’s tijdens nachtwandelingen rond de lodges.
Welke combinatie maak je vanuit Morondava?
De meest logische combinatie is Tsingy plus de Avenue of the Baobabs in vier dagen vanuit Morondava. Wie meer tijd heeft, voegt Kirindy Forest toe voor extra wildlife of doet de RN7-route richting de hoogvlakten van Antsirabe.
